Flowers

When the cat’s away the mice will play

 

Alhoewel we nog twee dikke weken te gaan hebben, voelde het afgelopen weekend – ondanks de regen op zaterdag – al een beetje als zomervakantie. Remon spendeerde de afgelopen dagen met vrienden in Oostenrijk (iets met de grand prix) en ‘when the cat’s away, the mice will play’.  Volgens goed gebruik kiezen we in zo een weekend ieder ons lievelings.

Voor Sem was dat op vrijdagavond uitgebreid Sushi eten in zijn favoriete restaurant, Silvijn wilde dolgraag een bus van Lego (en vier nachten op papa’s kant slapen in het grote bed), samen kozen we voor het zwembad op zondagochtend en ik ging diezelfde middag – het strand was weer-technisch gezien  jammer genoeg geen optie – voor een dikke bos puur plukgeluk uit de DorpstĂșn.

Pure pluckluck

En nĂłg een lang weekend. NĂłg een cadeautje (ik was maandag bij een concert van Eddie Vedder, over cadeautjes gesproken) vooral als het wederom zo een lekker weer is. Ik besloot de nieuwsberichten zo goed en zo kwaad als dat gaat – ik zie en hoor Oasis (!) nu op de tv – te negeren en volop te gaan genieten van deze fijne vrije dagen.

Vandaag fietsen we voor de eerste keer dit seizoen naar de dorpstĂșn in Snakkerburen, een klein buurtschap even buiten Leeuwarden.

De DorpstĂșn is een gemeen­schappelijke biologische moes-, bloemen-, beleef- , pluk-  en theatertuin. De tuin en de winkel, waar je de verschillende producten kunt kopen, worden onderhouden door vrijwilligers. Van de opbrengst van de verkoop,  de verschillende activiteiten en de bijdrage van donateurs wordt nieuw zaad- en plantgoed ingekocht en het complex onderhouden. Ik mag hier zĂł graag naartoe gaan.

We struinden door de rozentuin, de vlindertuin, de kruidentuin, de groente- en fruittuin en het moeras alvorens onze missie – het eerste boeket plukgeluk van dit seizoen weten te bemachtigen – in de pluktuin te volbrengen.

Wat mij betreft: missie geslaagd. Puur plukgeluk!

Pink blossem

Drie weken per jaar staan de verschillende soorten sierkers (prunus) op ons plein, voor ieder huis staat er één, in bloei. Ik schreef daar vorig jaar al over.  Ieder jaar kijk ik weer uit naar de laatste week van april wanneer de eerste bomen lijzig en ingetogen lichtroze kleuren en ons plein voorzichtig naar lente begint te ruiken. Een paar dagen later staan de 15 lichtroze sierkersen volledig en uitbundig in bloei. In de dagen daarna volgen de wat meer donkerroze gekleurde prunus, wat betekent dat er minstens 20 sierkersen tegelijkertijd staan te schitteren. Oi, joi, joi wat een pracht!

Rondom Bevrijdingsdag beginnen de eerste bomen hun bloesem te verliezen terwijl de bloesem van de boom die voor ons huis staat juist dan pas openspringt. Naarmate ‘onze’ boom langer in bloei staat, transformeert de kleur van de bloesem van donker- naar zachtroze.

Ik kan er geen genoeg van krijgen, van het plaatje van de weelderig bloeiende prunus op ons plein. Mijn absolute lievelings is het beeld van deze roze bloesem afgezet tegen een strakblauwe hemel. Deze combinatie was dit seizoen schaars dus greep ik donderdag, tussen de bedrijven, door mijn kans en fotografeerde in rap tempo ‘onze’ boom tegen de fel turquoise lucht (minstens honderd keer – en dat doe ik al negen jaar lang).

A big hurray for peony season

Ik vond het zelfs een beetje spannend toen ik donderdagochtend op weg ging naar mijn favoriete bloemist. Ik had zó een zin in een enorme bos knalroze pioenrozen. Die met van die knoeperts van zuurstokroze knoppen, een warm geel hart en gigantische stelen, dié had ik in mijn hoofd. Stonden ze er al op mij te wachten in de emmer? Of zou ik ietwat teleurgesteld over moeten schakelen op plukplan B?

Tot mijn grote blijdschap lachten de meest mooie kanjers van knalroze pioenrozen mij vanuit hun emmertje hartelijk toe. Ik plukte twee joekels van bossen. Kijk nou toch, wat zijn ze waanzinnig mooi.

Ik werd vandaag al vriendelijk toegelachen door exemplaren in het wit met een geraffineerd donkerroze randje, subtiel gewenkt door een bos oudroze met dubbele bloem en de donkerrode variant fluisterde stellig mijn naam. Wordt dus vast en zeker vervolgd. Lang leve het pioenrozenseizoen!